MEAN MARY - PORTRAIT OF A WOMAN (PT. 1)

Artiest info
Website
facebook
 

Wie deze kolommen al even volgt, wéét intussen vermoedelijk dat ondergetekende een serieuze boon heeft voor de artieste, die in het echt Mary James heet, maar door het leven wil gaan als Mean Mary. Waar ze in hemelsnaam die schuilnaam vandaan heeft, wil ik vermoedelijk niet weten, maar, wat mij betreft, past hij totaal niet in het beeld dat ik van dit voormalige wonderkind heb. Maar dat is maar zijdelingse commentaar: we moeten/mogen het hebben over de zevende soloplaat van Mary, terwijl de volgende al om de hoek loert en vermoedelijk dezelfde titel zal dragen, maar dan met “Part 2” als neventitel.

Nu ja, “soloplaat” is een omschrijving die maar ten dele klopt, al speelt Mary zeker de hoofdrol. Ook broer Frank en mama Jean zijn alweer van de partij, de een op allerlei snaren, de ander met de teksten van zowat de helft van de songs. Nu ja, als je, zoals Mama Jean, een uitmuntende pen hebt en in de “echte” literatuur een serieuze plaats verworven hebt, is het verklaarbaar dat je dochterlief uit de brand helpt met liedjesteksten, als ze aan een nieuwe plaat aan het werken is. Broerlief zorgt dan weer voor fijne stemgeluiden, terwijl Mary een deel van haar fantastische muzikantenknepen etaleert op gitaar, banjo en fiddle en daarbij laat ze haar heerlijke, wendbare stem het merendeel van het werk doen. Dat werk situeert zich zonder discussie in de folksfeer, gaande van old-time tot bluegrass met de nodige hints naar de Ierse origine van een en ander.

Dat levert -nog maar eens- een heerlijke plaat op, waarop traditie en moderniteit naadloos aan elkaar gelast of genaaid wordt, door die fantastische stem. Zo word je als luisteraar, zonder dat je er erg in hebt, een kleine drie kwartier lang ondergedompeld in de wondere akoestische wereld van de James- familie, waar banjo en fiddle vrolijk concurreren met gitaren van allerlei slag en waar, om de perfectie nog te vergroten, ook een aantal andere fijne muzikanten hun instrumentale kunsten mogen aanleveren. Ik denk dan aal David Henry, Oli Hayhurst of Larry Salzman, maar er zijn er wel meer, die zich wat graag geroepen voelen om mee opgenomen te worden in de kleine lettertjes van dit overheerlijke album waarop kortverhalen als “Bridge Out” afgewisseld worden met instrumentale folkdeunen als “Merry Eyes” en “Butterfly Skies” en heus singer-songwriter materiaal als opener “Cranberry Gown”, “Old Banjo” of “Clouds Roll By”. Het echte hoogtepunt van de plaat is voor mij “A Kiss Can Hide Two Faces”, een lied, waar werkelijk alles in zit, dat een luisteraar kan wensen.

Nummer zeven van Mean Mary behoort zonder twijfel tot het beste van al wat ze al uitbracht en ondergetekende wacht vanaf nu al in spanning op de herfst, als dat tweede deel er aan komt. Wie deze grote dame nog niet kent, heeft dringend werk te doen: het is nog niet te laat om een grote muzikante, een heerlijke zangeres en een formidabele tekstschrijfster, verenigd in één persoon, te ontdekken!

(Dani Heyvaert)